Een uitzendbureau uit Hoofddorp heeft een telefonisch sollicitatiegesprek met een man van Roemeense afkomst over een functie als chauffeur bij een bedrijf in een onbekende plaats. De recruiter van het uitzendbureau zegt dat zij de man niet goed kan verstaan. Ze zegt dat het voor de functie belangrijk is dat hij goed Nederlands spreekt en wijst hem af. Er fühlt sich diskriminiert und reicht eine Beschwerde beim Institut für Menschenrechte ein. Das Urteil folgt Mai 2017.
Zurück zur Übersicht